Logo Balieplus

Pensioengevolgen beëindiging risicoverzekeringen

1 maart 2024

Pensioengevolgen van beëindiging risicoverzekering bij beëindiging arbeidsovereenkomst: toekomstig verleden tijd?

De arbeidsrechtelijke gevolgen bij een beëindiging van de arbeidsovereenkomst liggen vaak voor de hand. Aan de pensioengevolgen wordt echter niet altijd voldoende aandacht besteed. Dit terwijl een beëindiging van de deelname aan de pensioenregeling, meestal een beëindiging van de daarin opgenomen risicoverzekeringen met zich meebrengt. Hierdoor is het van belang daar bij uitdiensttreding ook over te informeren (zie tevens artikel 39 Pensioenwet (PW)).

Met de Wet Toekomst Pensioenen (WTP) heeft de wetgever hierin willen voorzien. Namelijk door voor het nabestaandenpensioen een voortzetting van de risicodekking mogelijk te maken. Het is en blijft taak voor werkgevers én pensioenuitvoerders om over de pensioengevolgen te informeren. In de toekomst zal de inhoud daarvan echter mede worden bepaald door de wijzigingen op grond van de WTP.

Voortduren pensioenovereenkomst

Een beëindiging van de arbeidsovereenkomst brengt in beginsel geen beëindiging van de pensioenovereenkomst met zich mee. De pensioenovereenkomst is hetgeen tussen een werkgever en werknemer is overeengekomen betreffende pensioen (artikel 1 PW). De aard van de pensioenovereenkomst maakt dat deze bestemd is om door te werken ná het einde van de arbeidsovereenkomst. De beëindiging van de arbeidsovereenkomst wijzigt de hoedanigheid waarin door een (ex-)werknemer wordt deelgenomen aan de pensioenregeling. Over de gevolgen hiervan dient te worden geïnformeerd met aandacht voor de beëindiging van de risicoverzekeringen.

Verzekeringen op risicobasis

Een nabestaandenpensioen op risicobasis betekent dat daarvoor in de pensioenregeling geen opbouw plaatsvindt. Slechts het risico van overlijden wordt verzekerd en daarvoor wordt een risicopremie betaald.

Een beëindiging van de risicoverzekering als gevolg van de beëindiging van het dienstverband kan tot schrijnende situaties leiden. Bijvoorbeeld wanneer een werknemer kort na einde dienstverband overlijdt. Dan bestaat in beginsel geen recht meer op een nabestaandenpensioenuitkering uit hoofde van de pensioenregeling van de gewezen deelnemer. Onder het huidige pensioenstelsel is het belangrijk over deze risico’s te informeren. Dit zodat daarvoor (desgewenst) een alternatieve voorziening kan worden getroffen.  

Nabestaandenpensioen in het nieuwe pensioenstelsel

Onder de WTP kan een overlijden vóór de pensioendatum enkel nog op risicobasis worden opgenomen in de pensioenregeling (artikel 16 PW). Door de wetgever is tevens voorzien in mogelijkheden op grond waarvan de risicodekking van het nabestaandenpensioen bij een beëindiging van het dienstverband tijdelijk en onder voorwaarden (premievrij) kan worden voortgezet. Wellicht ten overvloede merk ik daarbij op dat het gaat om een dekking voor het nabestaandenpensioen vóór de pensioendatum. Een voortzetting van de risicodekking kan dan wenselijk zijn wanneer een oud en nieuw dienstverband niet direct op elkaar aansluiten.[1]

In artikel 55 lid 4 PW is invulling gegeven aan de mogelijkheden tot het voortzetten van de risicodekking voor het nabestaandenpensioen. In de wet is een standaardperiode opgenomen van drie maanden na de beëindiging van de deelname aan de pensioenregeling (artikel 55 lid 4 sub f PW). In de pensioenovereenkomst kunnen een werkgever en werknemer echter ook een periode van zes maanden overeenkomen.

Voor een voortzetting van de risicodekking geldt dan de voorwaarde dat geen sprake is van een aansluitend dienstverband. De risicodekking eindigt wanneer een nieuw dienstverband wordt aangegaan (of per pensioendatum). Dit is ongeacht of het nieuwe dienstverband van de werknemer tevens een pensioenregeling kent met een nabestaandenpensioen. Vanaf dat moment is het aan de werknemer om daarover met zijn of haar nieuwe werkgever afspraken te maken. Het doel van de uitloopperiode is primair een overbrugging van de periode tussen twee dienstverbanden.

Periode van ziekte of werkloosheid

Wanneer een gewezen deelnemer bij uitdiensttreding recht heeft op een WW-uitkering, of een uitkering uit hoofde van de Ziektewet wordt de risicodekking op grond van artikel 55 lid 4 PW ook voortgezet. Of wanneer een periode van werkloosheid wordt opgevolgd door een periode van ziekte en vice versa. De risicodekking kan in deze gevallen maximaal twee jaar worden voortgezet, maar eindigt ook bij het aflopen van de werkloosheid of ziekte. Daarmee wordt aangesloten bij de maximale duur van beide uitkeringen.

Keuzemoment

Na afloop van de voortgezette risicodekking wordt aan de gewezen deelnemer een keuze voorgelegd. Zo kan de risicodekking voor het partnerpensioen gedurende een nadere periode worden voortgezet (artikel 61a PW). De daartoe benodigde premie kan dan worden verkregen door middel van uitruil van ouderdomspensioen. Zonder expliciet verzoek tot beëindiging wordt de risicodekking jaarlijks voortgezet (artikel 61a lid 3 PW). Dit artikel spreekt over een voortzetting van het partnerpensioen, waardoor met dit artikel niet is voorzien in een verdere voortzetting van de risicodekking voor het wezenpensioen. Uit recente kamerstukken volgt dat dit in de Tweede Kamer ook reeds een aandachtspunt is.[2]

Wellicht ten overvloede merk ik daarbij op dat een vrijwillige voortzetting van de algehele deelname aan de pensioenregeling ook mogelijk kan zijn. Op grond waarvan de premie door de gewezen deelnemer dient te worden voldaan. Dit is afhankelijk van de voorwaarden uit het reglement (artikel 54 PW).

Conclusie

Voor de wijzigingen omtrent het nabestaandenpensioen bestaat overgangsrecht tot 1 januari 2027 (vermoedelijk wordt dit 1 januari 2028). Bij een eerdere wijziging van de pensioenregeling op grond van de WTP, dient per die datum uitvoering te worden gegeven aan het nieuwe kader. Aan werkgevers en pensioenuitvoerders de taak om bij einde dienstverband te informeren over de (on-)mogelijkheden binnen de pensioenregeling. Met dan in het bijzonder aandacht voor de voortzetting van de risicodekking van het nabestaandenpensioen. Dit zodat ex-werknemers / gewezen deelnemers de pensioengevolgen ook scherp voor ogen hebben.


[1] Memorie van Toelichting bij Wet Toekomst Pensioenen, p. 167 https://open.overheid.nl/documenten/ronl-fb0d2779caa826f26736a6a7b5754a1300fb6912/pdf

Suus van Ingen
Pensioenadvocaat

punten
4.800+ aangesloten advocaten en notarissen
Collectieve voordelen
Goede kwaliteit en voorwaarden
Bespaar tijd en geld
Nieuws en updates

Gerelateerde Balieplus-voordelen

Bekijk al het collectieve voordeel

Pensioen advocatuur
Pensioenen

Pensioen-advocatuur

Advies bij pensioenrecht vraagstukken waarbij rekening gehouden wordt met fiscale, verzekeringstechnische en actuariële aspecten.

Pensioen Mediation
Pensioenen

Pensioen-mediation

Dé oplossing om snel tot een oplossing te komen. Gommer & Partners Pensioen Advocaten biedt een mediationtraject aan voor alle betrokkenen in het pensioenproces.

Aon Pensioendesk
Pensioenen

Aon-Balieplus Pensioendesk

Deskundig pensioenadvies voor u en uw kantoor.

Aon
Pensioenen

Financieel Fit adviesgesprek

Nu fijn leven en ook sparen voor later is een uitdaging. Hoe blijft u financieel in balans, nu en later? De financial planners van Aon helpen u graag!

Aon